Persberichten Stichting C3

Gewend aan gigantische redactieklussen, die altijd een of meer dagen opvreten of het niks is, zijn de persberichten van de Stichting C3 aangename tussendoorsnacks. Opdracht komt binnen, even inlezen, tekst opzetten, wat schaafwerk, correcties en adviesjes over en weer en een werkuurtje of twee later is het al weer klaar. En het zijn altijd van die fijne onderwerpen, want Stichting C3 promoot chemie onder kinderen en jongeren en onderneemt, vaak in samenwerking met andere partijen, allerlei interessante activiteiten om dat te realiseren. Zo waren daar de afgelopen tijd de Week van de Procestechniek en de Lab Experience Days, allebei bedoeld om jongeren te interesseren in een baan in een technisch vakgebied. Superleuk, en beide een groot succes. De persberichten worden over het algemeen heel aardig opgepikt door websites en gedrukte media, zelfs al bevatten ze niet altijd echt groot nieuws.
Persbericht C3 - Chemie met je klas - Onderwijsmiddelen database 2012.12 - Persbericht Exp.Chem. KB_aanvulling Persbericht C3 - Procesindustrie krijgt 5000 potentiele operator Persbericht LED Groningen_Assen def

Eindredactie x 4

Grootste klap aan werk de afgelopen maanden, tussen het vakantievieren door, was de eindredactie van mijn vaste blad Praktijkblad Ondernemingsraad en m’n tijdelijke magazine Flexmarkt.
Ik moet zeggen dat ik het, ook na vijftien jaar, nog wel altijd heel lekker vind om alle materiaal voor een tijdschrift bij elkaar te graven en het zo te kantelen en te keren dat het een voor de lezers aantrekkelijk geheel wordt. Teksten een beetje vloeiender en vooral ook foutlozer, koppen een beetje strakker, leads en intro’s wat gelikter, een paar stevige streamers, een mooi beeld erbij geregeld of gezocht en dan een briefing naar de opmaak die dat allemaal in het format zet. Tot slot nog wat rondjes proeven, waarin ik me lekker te buiten mag gaan met een van m’n lievelingsbezigheden: muggenziften. Hier het resultaat in covers.

Coverillustratie: Ymke Pas

Flexmarkt nummer 1/2 2013

Coverfoto: Ton Kastermans

Flexmarkt nummer 12 2012

Coverillustratie: Peter Cuypers

Praktijkblad Ondernemingsraad 12 2012

Coverillustratie: Peter Cuypers

Praktijkblad Ondernemingsraad 1/2 2013

Bij Praktijkblad OR ging de hele vormgeving totaal op z’n kop. Daarover in een volgend blogje meer.

Opstand van de – heeeel normale – nerds

Bonte Hond – Opstand van de nerds
De Krakeling, zaterdag 2 februari 2013

Opstand van de Nerds-BonteHond-fotoBenvanDuin

Posterfoto van Opstand van de Nerds. Foto: Ben van Duin

‘Don’t ever pretend not to be a nerd.’ Een goed advies van de oppernerd, Devin Townsend, ooit de voorman van metalband Strapping Young Lad en inmiddels gevierd muzikant in een veel breder circuit. De nerds van Bonte Hond zijn op een feestje onder gelijken en hoeven zich dus in het geheel niet te schamen of te verbergen. Maar deze nerds zijn, in tegenstelling tot de inmiddels 40-jarige Townsend, pubers. Dus ze schamen zich wel, ze verbergen zich wel. Ze hebben geen idee hoe ze zich een houding moeten geven. En zo hoort dat ook, op hun leeftijd.

Ze hebben weinig gemeen, de nerds van regisseur Noël Fischer. Ze zijn eigenlijk even verschillend als alle andere jongeren. De een houdt heel erg van knuffelen, de ander wordt juist niet graag aangeraakt. De een is dol op kwebbelen, de ander houdt het liefst alles voor zichzelf. De een is graag in gezelschap, de ander zondert zich liever af. De belangrijkste overeenkomst is dat ze dromen hebben. Over wat ze zullen worden, later. Over met wie ze verkering krijgen. Over hoe het hen zal vergaan. Eigenlijk ook zoals bij alle andere kinderen.

Er is, ondanks hun enorme verschillen, nog een overeenkomst. Ze zijn allemaal best wel slim. En ook anders in de ogen van de ‘gewone mensen’ – whatever that may be. Maar dat laatste is onzin, zoals Frieda, een briljant personage van natuurnerd Willem Zevenhuijzen duidelijk maakt in een van de slotscènes: wij zijn normaal, heeeeel normaal.

Het feestje is een expositie van onhandigheid en ongemak. Dat begint bij het voorstelrondje en stopt geen seconde voordat het licht uitgaat. Een hilarisch vertoon van menselijke tekortkoming, zoals die voorkomt in alle lagen en alle leeftijden, geprojecteerd op vijf aandoenlijke, getroebleerde tieners die van experts al zo vroeg in hun leven labels opgeplakt hebben gekregen waarop ze helemaal niet zaten te wachten en waarmee ze de rest van hun leven voort moeten. En dat in een aaneenschakeling van scènes die zo maar echt zouden kunnen voorkomen als deze of gene een verjaardag, jubileum of ander vierenswaardig feit viert.

Het allermooiste van de voorstelling is dat er ondanks deze gemankeerde onderlaag van het begin tot het eind, naast te overdenken, barstensveel te lachen valt. Zowel voor ‘normale’ mensen als voor mensen met een tic of andere afwijking – zeker de helft van de zaal. De acteurs leven zich bijzonder goed in in hun rol, en hun nerdy gedrag is enorm grappig uitvergroot. Het lijkt erop dat ze allemaal wat van zichzelf, van hun eigen ervaringen, gevoelens, angsten, verlangens, nerdiness in hun personages hebben gestopt, zo authentiek komt het over ondanks de dikke laag ironie erbovenop. Hoe het bij anderen zit, weet ik niet, maar ik vond het niet leuk uit leedvermaak, maar puur uit lol – zo’n feestje als dit had me kostelijk geleken, leuker dan de doe-alsof-je-stoer-bent-partijtjes uit m’n eigen jeugd. Heerlijk, van die jonge mensen die ondanks de conventies hun eigen slimme, rare, eigen zelf moeten zijn, omdat ze simpelweg niet anders kunnen.

Fischer geeft met Opstand van de Nerds een even tijdloos als actueel document af, dat enerzijds berust in de  eigenaardigheid van de mens en anderzijds kritiek geeft op de wereld van vandaag die het nodig vindt ieder mens in een eigen hokje te zetten. Je ziet de rijen in de klas bijna opdoemen: daar de hoogbegaafden, daar de hypersensitieven, daar de adhd’ers. En wie niks heeft, ocherrem, die mag op de achterste rij; extra aandacht onnodig. De 35-plussers onder ons kennen ze ook allemaal, de slimpies, de jankerds, de druktemakers, maar die zaten gewoon zonder etiketje in de klas en zijn voor het overgrote deel heel niet slecht terechtgekomen.

Kijk maar naar Devin Townsend. Nergens goed voor. Een mannetje dat al vanaf z’n negende een sport maakte van het spelen van zo complex mogelijke gitaarlijnen en het zonder les zingen van zo mooi mogelijke noten, zonder al te veel steun van huis uit. Maar wel net een toer achter de rug door heel Europa, gevolgd door een toer door de Noord-Amerika’s. Niet gek voor een nerd.