Terugblik Oerol

Eerder een indruk van de voorstellingen waarvan we scènefoto’s hebben gemaakt en de presentaties uit Atelier Oerol, hier een dwarsdoorsnee van wat andere voorstellingen die we speciaal voor Oerol zelf bezochten.


Van boven naar onder:
Benjamin Vandewalle – Birdwatching
Collectif le G Bistakui – Cooperatiza
Cie Zerogrammi – Trattato della Lontananza Parte Prima
Toneelschuur/Joost van Hezik – Dantons Dood
Project Wildeman – WIJ
NNT/Club Guy & Roni – Crash
Pieter de Buysser/Hans Op de Beeck – Book Burning
Waterlanders – PIEP

Verslaggever Stiltefestival

Eergisteren verschenen op BredaVandaag: mijn blogje voor en over het Stiltefestival, geschreven op verzoek van de zakelijk leider omdat hij er een dagje geen zin in had en ze mij nu eenmaal hadden ingehuurd als verslaggever – officieel wel voor een achterafverslag, maar vooruit dan 😉

“Stel je een voorstelling voor. En vergeet meteen je voorstelling van die voorstelling weer. Want wat Katrina Brown en Han Buhrs doen, lijkt daar toch helemaal niet op. Niks groot decor, niks passende muziek, niks tribune vol grote mensen.

© Saris & den Engelsman Een loeigroot wit vel, wat stukjes houtskool, een danseres en een muzikant die puur zichzelf als instrument gebruikt, en een stuk of twintig, dertig peuters of kleuters eromheen. Dat is het uitgangspunt van Ets-Beest. Die voorstelling is maandag twee keer te zien geweest in het zaaltje van De Stilte aan de Markendaalsweg. Of, nou ja, te zien, het lijkt meer op meemaken, en dat dan in de meest letterlijke betekenis van het woord: mee-maken.

Dat is best gek, want de code in het theater is meestal: stil zitten, mondjes dicht. Dat zeggen de juffen van tevoren dan ook, en de kindjes luisteren er over het algemeen braaf naar. Maar stil zitten, stil zijn, dat is wel heel erg moeilijk als een man allemaal gekke geluidjes maakt met z’n mond en er een mevrouw over de witte vloer buitelt in de gekste bewegingen die ondertussen allemaal krabbeltekeningen om zich heen maakt.

© Saris & den EngelsmanDus of je nou wilt of niet, je gaat vanzelf een beetje mee bewegen. En voor je het weet heb je zo’n stukje houtskool vast en zit je op de rand van het papier een beetje mee te kliederen. Tot je beseft wat je doet, en geschrokken ophoudt met dansen. Of een tik op de vingers krijgt van de juf en het houtskool aan de kant legt. Mag niet, shhht, stil zitten.

De makers van Ets-Beest zoeken die spanning expres een beetje op. Ze dagen, als het niet vanzelf gebeurt, kinderen uit mee te tekenen, mee te bewegen, de vloer op te komen. Dat gaat soms makkelijker dan anders, maar het lukt altijd en uiteindelijk zitten zo goed als alle kinderen op de vloer driftig te tekenen aan een groot kunstwerk dat bestaat uit allemaal kleine kunstwerkjes, heel abstract soms, maar ook kastelen, bloemen, hartjes.

Ze tekenen binnen de lijntjes van het grote vel, maar kleuren buiten de lijntjes van de regels die in het theater gelden. En dat is een genot om te doen – want wie vindt het nou niet lekker om zichzelf helemaal te mogen laten gaan, lekker vies te worden; kijk juf, zwarte handjes! – en zeker ook een genot om van een afstandje naar te kijken, als groot mens op een zo goed als lege tribune.”

Nieuwe vormgeving Praktijkblad Ondernemingsraad

Al maanden, of eigenlijk al jaren, zeurde ik de hoofdredactie van Praktijkblad Ondernemingsraad aan het hoofd dat de vormgeving van het blad echt eens bijgeschaafd of liefst helemaal vernieuwd moest worden. Het format is ooit gemaakt door een heuse vormgever en in het begin maakten ze daar ook op, maar sinds een paar jaar wordt het blad met door ons aangeleverde content ingevuld bij een grote DTP-organisatie in een ver buitenland. Die jongens en meisjes daar willen best en ze kunnen ook, maar ze moeten in heel korte tijd veel werk verzetten en dan is een ander format vereist dan wat er lag. Een dat zowel strak als flexibel is en vooral ook: duidelijk. En als we toch bezig waren, mocht het ook wel wat moderner, opener, frisser en wat beter passen bij de neergelegde claim ‘gids in medezeggenschap’.
Eind vorig jaar kreeg ik een cadeau van de hoofdredacteur: er was budget over, dus die nieuwe vormgeving zou er komen. Nou kan ik op redactioneel gebied best veel, maar vormgeven, dat kan ik zelf niet. Althans, wel in m’n hoofd, maar niet op een heus InDesign-velletje. Maar gelukkig zijn er andere mensen die daar heel goed in zijn. Dus werd Verheul Communicatie gebeld en konden zij na een briefing aan de slag met het maken van voorstellen.
Het was even wat heen-en-weer-gemail, -gebel en -gepraat, maar uiteindelijk ligt er sinds half februari een totaal omgegooide vormgeving waar alle partijen die ermee moeten werken goed uit de voeten kunnen. De eerste reacties van lezers zijn positief, al zijn sommigen ook uitermate kritisch op punten – maar wat wil je ook, met ondernemingsraadsleden, die wel hoog moeten scoren op de schaal van kritisch als ze hun or-werk goed willen kunnen doen. Wij horen het graag, en zullen kijken waar het binnen het neergelegde format nog beter kan.
Hier een paar spreads in de oude en in de nieuwe vormgeving. Verschil, nietwaar?
01-03 Cover.indd
#30449-1_pOR 1 2013-def.pdf

01-03 Cover.indd#30449-1_pOR 1 2013-def.pdf

 

01-03 Cover.indd#30449-1_pOR 1 2013-def.pdf

01-03 Cover.indd#30449-1_pOR 1 2013-def.pdf

Persberichten Stichting C3

Gewend aan gigantische redactieklussen, die altijd een of meer dagen opvreten of het niks is, zijn de persberichten van de Stichting C3 aangename tussendoorsnacks. Opdracht komt binnen, even inlezen, tekst opzetten, wat schaafwerk, correcties en adviesjes over en weer en een werkuurtje of twee later is het al weer klaar. En het zijn altijd van die fijne onderwerpen, want Stichting C3 promoot chemie onder kinderen en jongeren en onderneemt, vaak in samenwerking met andere partijen, allerlei interessante activiteiten om dat te realiseren. Zo waren daar de afgelopen tijd de Week van de Procestechniek en de Lab Experience Days, allebei bedoeld om jongeren te interesseren in een baan in een technisch vakgebied. Superleuk, en beide een groot succes. De persberichten worden over het algemeen heel aardig opgepikt door websites en gedrukte media, zelfs al bevatten ze niet altijd echt groot nieuws.
Persbericht C3 - Chemie met je klas - Onderwijsmiddelen database 2012.12 - Persbericht Exp.Chem. KB_aanvulling Persbericht C3 - Procesindustrie krijgt 5000 potentiele operator Persbericht LED Groningen_Assen def

Uit eigen keuken: kerst(menu)kaarten

In 2010 kregen we zo veel complimenten op onze kalender-zonder-tijd (zie www.sarisdenengelsman.nl, knop Vrij werk) dat we ook in 2011 weer graag onze tanden wilden zetten in een bij ons passend eindejaarsgeschenk voor onze familie, vrienden en relaties. Een kaartenset, zo hadden we bedacht. Helaas vergden de meeste ideeën die door ons hoofd dwarrelden een grotere tijdsinvestering dan we ons tijdens onze drukke eindejaarswerkzaamheden konden permitteren. Maar gelukkig floepte er in onze hoofden een lampje aan dat leidde tot een flitsproject. Iets met die hilarische pieppoppetjes die we die zomer op de rommelmarkt kochten, schattig en boeverig tegelijk en daarmee echte (b)engeltjes, aardig passend bij de kersttijd. We maakten een kaartenset met op de voorkant vier onschuldige poppetjes en op de achterzijde hun ondeugende kant.
Ook dit jaar was ons belangrijkste idee voor het einde van het jaar een niet erg makkelijk te realiseren kaartenset. En met de drukke novembermaand voor de boeg moest het toch echt snel in mekaar te steken zijn. Dit keer ging midden in een diepzwarte najaarsnacht het eurekalampje aan. De volgende ochtend stond het idee nog als een huis – vonden wij tenminste. Het resultaat, nauwelijks twee weken later: een compleet feestmenu op zes luxe kaarten, beginnend bij een hapje van pastinaak en eindigend met een toetje met bessen. Met de ‘groene’ bestanddelen uit de recepten (deel eigen bedenksels, deels geïnspireerd op Moons favoriete meesters Jamie Oliver en Sergio Herman) knutselde ‘mevrouw’ kerstversieringen in elkaar. ‘Meneer’ zette ze als echte kunstwerkjes op de foto.
bieten2_5360 boom_vrij_5384 kaarsenvrij_5348 krans_vrij_5374 slinger3_5406 ster_5396
De gerechten die erbij horen zijn: choggiabieten met makreelrilette, aspergesalade met pesto en geitenkaas, pastinaakbeignets, bloemkoolmousseline met coquilles, citroensabayon met bessen en mozzarella met room en tomaatjes.

De kaarten zijn ook te koop. Ze kosten 10 euro per setje van zes dubbele kaarten 15×15 cm met aan de linkerbinnenkant het recept en rechts de tekst ‘Smakelijke feestdagen’. Ze komen met zes witte bijpassende enveloppen en sluitzegels-in-stijl in een pergamijnen zakje. Mail me op hallo @ moonsaris punt nl als je interesse hebt.

Preview: Speedfest en Distortion

Het is al weer een dikke week geleden dat René en ik in Eindhoven twee heftige festivals meemaakten, namelijk Speedfest op zaterdag en Distortion op zondag. Vette meuk en rauwe beuk – en mogelijk een daar opgepikt virusje – velden me de dagen erop bijna. Ik bleef ternauwernood overeind om de dingen te doen die echt moesten in deze goddank werkluwe periode.
Het verslag liet dus even op zich wachten, maar nu ligt het, inclusief foto’s, voor ter eindredactie bij 8WEEKLY – de site waar ik recensent, chef theater en hoofdredacteur van was en laatstelijk niet al te veel meer voor doe, tenzij… Hier vast een kleine beeldpreview van mijn verhaal over een popmeisje op een metalfestival. Met een hoofdrol voor Devin Townsend, een gekkebekkentrekkende nerd die met z’n show boordevol humor, slimheid, authenticiteit en bovenal ultragevarieerde hypermuzikale werk zo’n onuitwisbare indruk op me heeft gemaakt dat René voortaan niet meer meteen commentaar krijgt als ie weer eens iets van zijn geliefde teringherrie opzet (sterker: ik doe het nu af en toe zelf).

Redigeren, redigeren, redigeren

Lieve mensen die af en toe naar mijn blog komen om hier updates te lezen over mijn whereabouts en vorderingen: nog heel even geduld a.u.b. Ik ben de afgelopen weken vooral bezig geweest met redigeren, redigeren en nog eens redigeren van vier magazines die nog voor de kerst bij de lezers op de mat moeten liggen. Dat is leuk werk, en ook nuttig, maar het is niet zo interessant om uitgebreid over te vertellen op mijn blog. En bovendien had ik er zo veel van dat ik weinig tijd overhield om er stukskes over te schrijven.
De echte eindredactie is inmiddels zo goed als achter de rug, de opmaakproeven rollen langzaam maar zeker binnen. Dus komende week krijg ik, na het geven van akkoord om te gaan drukken, weer wat tijd om jullie bij te praten. Bijvoorbeeld over de foto-opdrachten die ik de laatste weken heb gedaan en de interviews die ik heb geschreven. Mooie verhalen in woord en beeld, kijk, daar zitten jullie dan weer wel op te wachten. Nog heel eventjes.

Stichting C3, voor nieuwsgierige kids – en mij

Op LinkedIn kwam een klein maar fijn klusje voorbij. Ik dacht het niet te krijgen, maar reageerde spontaan toch, puur omdat het me zo’n leuke organisatie leek. Mijn reactie viel in de smaak, ik kreeg een kans en die heb ik gepakt. Vanaf nu schrijf ik dus af en toe een persbericht voor de C3, een stichting die chemie promoot onder kinderen en jongeren. Een belangrijk doel. En leuk!
M’n eerste berichten gaan over hun net vernieuwde website www.expeditionchemistry.nl. Ga maar eens kijken, je verdwaalt er gegarandeerd in, in de meest positieve zin des woords. Er staan allemaal geweldig leuke proefjes op die je thuis eenvoudig kunt doen, meestal met dingen die je gewoon in huis hebt. Heel geschikt voor nieuwsgierige kids – en mensen die een jong hart hebben maar niet echt thuis zijn in de scheikunde. Of wel, want ook dan is het heerlijk experimenteren met citroenbatterijen, zelfgemaakte verf of.. nou ja, ga zelf maar kijken.

 

Hard nodig: Tegen de Tuberculose

Uitgever: KNCV Tuberculosefonds, Verschijnt drie keer per jaar.

Zo’n plaatje als op bijgaande cover oogt misschien niet fris en ook de inhoud van het blad is niet iets wat je lekker tijdens het ontbijt tot je neemt. Maar mijn collega Ton Hesp en ik weten dat het de slimmerds van ons land helpt de symptomen van tuberculose beter te herkennen en er samen voor te zorgen dat die verschrikkelijke ziekte waar je een halfjaar lang vier pittige antibiotica tegen moet innemen en dan misschien toch nog dood aan gaat, voorgoed uit te bannen.

Wie denkt dat tuberculose een ziekte van vroeger is, zit er flink naast. De wereld is een global village. Ieder jaar zijn er duizend nieuwe patiënten in Nederland, die de ziekte vaak hebben opgedaan in contact met andere zieken, meestal uit verre windstreken. In Oost-Europa, Afrika en Azië sneuvelen anno 2012 jaarlijks nog steeds honderdduizenden mensen aan deze moeilijk te winnen oorlog.

Vandaar: het vakblad Tegen de Tuberculose, de vreemdste eend in mijn bijt. Het wordt drie keer per jaar uitgegeven door KNCV Tuberculosefonds (dit is nummer 2 van dit jaar, net naar de drukker), dé tbc-bestrijder van ons land. Ton en ik tekenen voor de eindredactie. De inhoud van de teksten is het terrein van onze auteurs, voornamelijk longartsen, onderzoekers en andere zorgmedewerkers in de hogere echelons. Ton en ik beperken ons tot de taaltechnische eindredactie, de opmaakbriefing en de proefcorrecties.

En vooral dat eerste en dat laatste is geen sinecure bij teksten die voor een groot deel onbegrijpelijke mumbojumbo zijn en die ook vooral niet al te begrijpelijk moeten te worden omdat de lezers het toch wel allemaal snappen, maar die wel zo foutloos mogelijk de drukpers op moeten. Gelukkig zijn we allebei best slim en zijn we bovendien na een paar jaar eindredactie van Tegen de Tuberculose aardig thuis in de gevaarlijke bacteriën, het doktersjargon, de onderzoekstechnieken en andere complexe zaken die de zorg voor tbc-patiënten en de bestrijding van infectieziekten omringen. Dus maken wij, vakidioten die we zijn, er een sport van dwars door alle Latijnse en andere ingewikkelde afleidingen heen hoe langer hoe meer gemene muggen uit de lappen grijze brij en de ‘verhelderende’ tabellen en grafieken te ziften. Zo af en toe zelfs eentje op het expertgebied van onze auteurs. Laat dat onze bescheiden bijdrage zijn aan de bestrijding van die onnoemelijke rotzak, die veel kleiner is dan een mug maar die enorme schade kan aanrichten.

Naar de drukker: Praktijkblad OR

Cover Praktijkblad Ondernemingsraad, zomer 2012

De cover van het binnenkort verschijnende zomernummer, ontworpen door Peter Cuypers

Ik begon dit stukje in eerste instantie met ‘Waarschijnlijk heb ik het lustrum zonder erover na te denken laten passeren. Best jammer, want je moet iedere gelegenheid aangrijpen om te vieren, zeker waar het gaat om een fijne en interessante klus terwijl die niet voor het oprapen liggen.’

Ik besloot het even na te kijken, en wat blijkt? Op de kop af vijf jaar geleden leverde ik voor de allereerste keer een bijdrage aan de eindredactie van het blad waar ik over wilde schrijven, Praktijkblad Ondernemingsraad. Toen nog via Hesp & Robroek, een redactiebureau van twee heren met wie ik veel zaken deed in de begintijd van mijn zelfstandige bestaan. Van een van hen hebben we inmiddels veel te vroeg afscheid moeten nemen. Met de ander werk ik nog steeds samen, aan de eindredactie van een blad dat hier later de revue zal passeren en soms aan wat losse klusjes als hij het werk niet meer gedaan krijgt.

Praktijkblad OR, een van de vlaggenschepen uit het human resources-portfolio van Reed Business, ligt inmiddels qua eindredactie, beeldredactie en proevencorrecties volledig op mijn bordje, gelukkig in goede samenwerking met de redactiecoördinator en de hoofdredacteur. Tien keer per jaar ontvang ik de berg teksten van onze vakschrijvers en journalisten, ontdoe die van spel-, stijl- en inhoudelijke fouten en van al te ernstig jargon, zoek en bestel er beeld bij en maak alles klaar voor de opmaak. Een kleine week later doe ik de proefcorrecties en niet veel later kan het blad de persen op, om weer een weekje later op de mat te vallen bij enkele duizenden lezers in de wereld van de medezeggenschap, voornamelijk ondernemingsraadsleden en ambtelijk secretarissen.

Een fijne klus, waarbij ik inmiddels aardig op routine kan varen maar waar ik ook nog steeds veel van leer omdat de ontwikkelingen ook op dit gebied niet stilstaan.

In beeld én in woord

Wie mijn posts leest, zou kunnen denken dat ik louter fotografeer. Niets is minder waar, al vormt de theaterfotografie een groeiende factor in ons bestaan. Het redactiewerk is alleen een stuk minder beeldend, meestal wat meer routinematig en daarom vergeet ik wel eens te vertellen dat ik dat ook met heel veel plezier doe.

cover Lede(n)maat juni 2012

Cover Lede(n)maat zomer 2012 ©MoonSaris/MiepvdManakker

Net achter de rug is bijvoorbeeld de redactie en eindredactie van het ledenblad van de Landelijke Vereniging voor Geamputeerden (LVvG). Sinds 2010 maak ik dat blad met veel plezier voor een club mensen die een stukje van hun lijf missen maar die desondanks behoorlijk compleet zijn. In het bestuur zitten enkele zeer actieve leden die mijn steun en toeverlaat zijn waar het komt op meedenken over het blad en het aanleveren van teksten vanuit de patiëntenvereniging. Ik schrijf zelf ieder nummer enkele artikelen en zorg dat de redactie bij elkaar komt in een kwartaalblad van 28 of 32 pagina’s. De vaste adverteerders, die met Leden(n)maat hun doelgroep op maat kunnen bereiken, zorgen er samen met wat overheidssubsidie voor dat het blad kan worden gedrukt en verspreid onder de circa duizend leden van de vereniging en partijen uit de gezondheidszorg.

Voor het juninummer van dit jaar, dat deze week naar de drukker gaat, schreef ik twee artikelen. Een interview met kunstenaar Henk Schouten, die eind 2010 na een boel ellende zijn rechterbeen moest afgeven en die daar nu een boek en een expositie over heeft gemaakt. En een reportage over Militair Revalidatiecentrum Aardenburg in Doorn, waar een mooie club instrumentmakers (onder meer van protheses) er samen met de medische collega’s voor zorgt dat hun in combat gewond geraakte soldaten (en ook burgers) weer zo goed mogelijk aan het dagelijks leven kunnen deelnemen.

Niet onvermeld mag blijven dat ik deze productie samen maak met Miep van de Manakker, een oude rot in het grafische vak, die het blad snel en vakkundig opmaakt en met wie ik al met veel plezier samenwerk sinds ik in 1998 bij als tekstschrijver bij m’n oude baas Derix*Hamerslag begon.